Jammer voor Mardin

Mardin

Mardin (Oost Turkije) is een waanzinnig oude stad, dicht bij de Syrische en Irakese grens. Opgravingen laten zien dat Mardin al een nederzetting was in 4500 voor Christus. De omgeving is één groot openlucht museum, met bouwwerken van:  de Hurri, Sumeriens, , Hethieten, Assyriers, Scythen, Babylonische, Perzische, Macedonische,  en latere bewoners.

 

Aangekomen bij het hotel van het eerder gekregen visitekaartje mochten we er niet in. Wat er loos was hadden we niet direct door, maar een jongen in hagelwitte kleding dirigeerde ons naar een prieel, waar we thee kregen en moesten wachten. Na een lange dag in de bus was dit geen straf en we gaven ons er dan ook graag aan over. Wel hing er een vreemd luchtje. Nieuwsgierig liepen we een rondje rond het hotel. Uit de kelderramen die allemaal dicht zaten perste zich mistige lucht naar buiten. Bingo!

Terug in ons prieel zagen we dat het personeel, dat ook maar wat buiten rondhing, weer naar binnen mocht. Vervolgens keken we toe hoe er een enorme schoonmaakwoede op gang kwam. Ramen werden opengegooid en schuimende golven water denderden vanuit de voordeur de trappen af. Pas nadat alles naar wens was gepoetst mochten we naar binnen om in te checken. We waren inmiddels tot de conclusie gekomen dat de hele tent blijkbaar was vergast om griezels zoals kakkerlakken te verdrijven, een andere reden kan er in onze ogen niet zijn voor wat we zagen.

Vanuit mijn hotelraam keek ik uit over de Syrische hoogvlakte, op de een of andere manier vond ik dit   heel bijzonder. Zo ver ik kon kijken niets dan graanvelden. Het hotel zelf overtrof mijn stoutste verwachtingen. Het geheel was opgetrokken uit natuursteen, de vloeren waren van leisteen gemaakt en alles ademde luxe uit. Mijn kamer had donkerhouten meubelen in koloniale stijl met kelims op de vloer en voor de ramen. Zeer sfeervol. De badkamer was ruim en had alles wat ik maar wensen kon. Gezien de vele groepen, die georganiseerd in Oost Turkije rondreizen, kon ik me voorstellen dat er overal van dit soort hotels te vinden waren.
Wat ik niet begreep was dat dit zo prachtig ontworpen en met mooie materialen gebouwde hotel in alle opzichten verwaarloost was. De voegen tussen de tegels in de badkamer waren smoezelig en er zat een barst in mijn spiegel. De prachtige leistenen vloeren waren schoongemaakt met een machine die ronddraait die zijn schraapsporen overal had achtergelaten.

Zo ook het eten, het was niet echt slecht, maar het ontbrak aan opmaak en originaliteit. De gemiddelde lokanta serveerde beter voedsel. Ook al zit je daar onder een tl lamp en van een plastic kleedje te schranzen. In het hotel was deftig tafellinnen op mooie tafels en een sfeervol terras om onder gedimd licht te eten.

De bediening was werkelijk om te huilen. Personeel om iets bij te bestellen moesten we elke keer gaan zoeken en ze kwamen niet klantvriendelijk over. Duidelijk een gebrek aan management, wat zou zo’n tent draaien als er een kwalitatieve leiding achter zat. Ik nam het niemand kwalijk, want ze wisten vermoedelijk niet eens hoe een toerist dit zag. Jammer was het wel.