Grommen bij de dierenarts

De Franse Dierenarts

dorcasMijn hond heeft een vreemde plek aan zijn bek en ik wil dat er naar gekeken wordt. Omdat ik nog steeds geen fatsoenlijk Frans spreek gaat er een vriendin mee. Zij kent die dierenartsen maatschap goed en stelt voor vroeg weg te gaan om lange wachttijden te voorkomen.

Om 14.00uur begint het spreekuur en om kwart voor komen wij aan. Blijkbaar zijn we niet de enigen die zo denken. Een nors kijkende man met een enorme rotweiler naast hem voelt aan de deur en gaat weer in zijn auto zitten. Mijn hond Dorcas is niet zo’n auto liefhebber en daarom ga ik rondjes stappen op de parkeerplaats. Het is februari, het waait hard en er komt natte sneeuw naar beneden. Mijn opluchting is dan ook groot als er een autootje stopt met er in de dierenartsassistente die vervolgens de deur voor ons opendoet.

Beleeft laten we de man met de rotweiler voorgaan. Zodra hij in de wachtkamer is draait hij zich om en zegt: ‘Ik denk niet dat dit samen zal gaan.’ Hij knikt veel betekend naar mijn hond die nog niet de helft is van zijn rotweiler. Omdat ik niks kan zeggen, vanwege mijn gebrek aan frans, ga ik weer naar buiten. Mijn vriendin neemt plaats in de wachtkamer.

duiveltjeEen opstandig duiveltje begint zich binnenin mij te roeren. Er is daarbinnen een gang naar de behandelkamer. Had hij daar niet kunnen wachten en mij de wachtkamer gunnen? Zijn hond is toch het probleem? Dorcas parkeert intussen zijn mager kontje achter een vuilnisbak om aan de gure wind te ontsnappen. Na een minuut of tien gluur ik de wachtkamer in. Geen beweging.

Langzaam maar zeker krijg ik het erg koud en zie ik drie Dorcasjes vanwege het gebibber. Ik ben het zat, steek mijn hoofd naar binnen en zeg tegen mijn vriendin dat we gaan.

‘Acht kom’, zegt ze, ‘wacht nog even.’
Mopperend trek ik mijn hoofd terug en wandel naar de auto. Dan daar maar wachten. Na nog tien minuten wachten is het inmiddels half drie en ik ben het spugzat. Wat is dat toch dat mensen met een beroep waar je niet omheen kunt vaak van mening zijn dat hun tijd zoveel belangrijker is dan die van de klant. Het is toch een kleine moeite om de mensen in de wachtkamer te laten weten wat de reden is? Een dierenarts die is weggeroepen heb ik alle begrip voor. Maar geef me wel de keuze om te wachten of te vertrekken en laat me niet in het ongewisse. En dan die hufter met zijn rotweiler!

Ik laat Dorcas achter in de auto en been terug naar de wachtkamer. ‘Ik ga. Je gaat mee of je kunt gaan lopen.’
‘Laat me in elk geval vragen wat er aan de hand is,’ biedt mijn vriendin aan.

Zou zij zich niet storen aan deze gang van zaken? schiet het door me heen. In dat geval woont ze hier echt al te lang.

Ik start de auto en mijn vriendin komt aan lopen.

‘En?’

‘Hij zit nog te eten.’