Cappadocië, een sprookje

Na wederom urenlang reizen, dit maal met een taxi kwamen we aan in Cappadocië met het onaardse landschap dat is ontstaan door uitbarstingen van vulkanen, zo’n 40 miljoen jaar geleden. Door langzame verwering en de verschillende gesteentetypen, die elk anders eroderen, is grillige landschap gevormd.

Al in de prehistorie werden de markante tufsteenkegels uitgehakt tot woningen. Vanaf deze tijd tot de jaren 1950, toen op last van de regering deze holwoningen verlaten werden, woonden hier mensen.

Het ziet er zo vreemd uit dat het lijkt of je in een sprookje terecht bent gekomen. Groene stukjes gras met hier en daar een boom op de verder kale rotsige bodem, die is bezaaid met hoge stenen puntmutsen vol gaten. Achter die ‘ramen’ gaan complete woningen schuil. Een deel hiervan is zelfs nog in originele staat en te bezichtigen.

Wij verbleven in een hotel in Uçhisar, het hoogste punt van dat deel van Cappadocië, hierdoor hadden wij een spectaculair uitzicht over het gebied. Pas toen viel het op dat de rotsformaties dieper lagen dan het omringende landschap. Tegenover ons in de verte lag de indrukwekkende veroorzaker van deze schoonheid, de vulkaan, vredig te slapen.

Natuurlijk bezochten wij het nationaal park. Daar vonden we kerken met prachtige rotsschilderingen. Werkelijk alle pilaren en muren waren zo uitgehakt en beschilderd,  dat je je in een doodgewone kerk waande. Verder zagen we eetzalen met enorme uitgehakte tafels en banken, zwartgeblakerde keukens en andere gemeenschappelijke ruimtes.

Het viel me op dat het binnenin die rotswoningen ijskoud was en dat terwijl het buiten gewoon aangenaam was. Korte broek en t-shirt was genoeg. Ik had vooraf gelezen dat er duizenden jaren geleden al mensen woonden, op dat moment vroeg ik me af hoe. Het landklimaat zorgde hier zonder twijfel voor erg koude winters met sneeuw, vorst en meer van die ellende. Erg vruchtbaar zag het er ook al niet uit, maar dat kon natuurlijk ooit anders geweest zijn. Hoe deden die mensen dat?
Uren lang dwaalden we rond, volgens de folders, die we toegestopt kregen, waren er meer plaatsen in de omgeving die we niet mochten missen.
Behalve het beklimmen van de berg, waar Uçhisar tegenaan gebouwd was, om de citadel te bewonderen en van het uitzicht te genieten, deden we niets. Het was prachtig, uitzonderlijk en bijna onnatuurlijk om te zien, maar ik zou niet weten wat ik in Cappadocië langer dan een paar dagen zou moeten doen.

Een van de leukste ervaringen waren onze kamers, zoals de meeste kleinere hotels daar, hadden ze kamers die ooit onderdeel van rotshuizen waren geweest. Nu opgeleukt met moderne meubels, bedden en badkamers. Jammer genoeg voor ons nog net zo koud.